Heerlijke Huidplooien
- Steven Desanghere

- 14 apr
- 2 minuten om te lezen

Ik koop maar weinig kleren, en áls ik dat al doe, dan is dat meestal in januari, de Belgische soldenmaand. Want in de eerste week van het nieuwe jaar wordt bijna iedere vitrine omgetoverd tot een verleidelijk portaal, waarbij ieder extra procentje afslag met hongerige en wellustige ogen wordt getaxeerd door opgewonden koopjesvolk.
Dus stond ik daar vandaag, in een van de talloze en onderling inwisselbare ketenwinkels die het provinciestadje naast mijn dorp rijk is. Ik ga evenwel niét in op wat voor stoffen omhulsels ik daar wou kopen. Wat van belang is, is dat ik met volle handen stond te wachten aan de kassa, en ik de charmante kassierster-op-leeftijd enkele volle minuten vanuit mijn ooghoeken kon aanschouwen. Dat durf ik wel nog eens meer doen wanneer ik ergens aanschuif, en daarbij spelen leeftijd, geslacht of schoonheidsidealen een veel kleinere rol dan je misschien denkt. Tegenwoordig moeten kassiersters zoveel mogelijk mensen aan een klantenkaart proberen te binden. Daar hebben ze dan allerhande persoonsgegevens voor nodig, die gescand en ingetikt dienen te worden, en waardoor de wachtrijen aan de kassa de laatste jaren, tot mijn grote vreugde, langer worden, en méér bespioneertijd creëren. Ja, ik zie mezelf graag als de David Attenborough van het menselijke ras. Ik staar, ik gluur, ik neem in me op, maar meestal zonder dat mijn object van observatie het in de mot heeft. Wanneer ik observeer, dan tracht ik niet het volledige en veelzijdige plaatje tot mij door te laten dringen. Daarvoor is de aanschuiftijd aan de kassa meestal toch iets te beperkt. Neen, ik volg spontaan mijn ogen en bijhorende gedachten. En in het geval van mijn kassierster deze namiddag, waren het overduidelijk haar uitgesproken rimpels waar mijn blik heimelijk aan bleef hangen. Héérlijk vind ik dat, een vrouw die haar rimpels niet wegmoffelt. Bij elke rimpel komt iets meer ìk voor de dag. Bij iedere botox-inspuiting of face-lift worden mensen daarentegen net meer onderling inwisselbaar, en minder interessant. Althans voor mij, als observator én bewonderaar van het menselijke ras, met al haar bijzondere ikjes. Eén rimpelige Bardot verrukt mij meer dan tien strakgetrokken Chers, die krampachtig een halve eeuw levenservaring willen wegmoffelen. That’s me.
Ik was die mooie, unieke gezichtsgroeven aan de kassa dus stiekem aan het bewonderen vandaag, en dacht spontaan terug aan de bekende Italiaanse theateractrice Anna Magnani. Vele decennia stond zij op de planken. Op een avond, voor een zoveelste voorstelling, wilde de lokale grimeur van dienst ongevraagd haar rimpels rigoureus wegschminken. Wat, zo luidt de legende, haar ogen deed bliksemen, en haar deed uitroepen: “Verberg mijn rimpels toch niet! Ik deed er héél lang over om ze te verdienen.”
En toen was het mijn beurt aan de kassa, en liet ik mijn blik verlegen op de grond vallen.



Opmerkingen